Het kader Voorbeeldclausules

Het kader. Aanleiding voor een herijking van het nationaal project In het gedecentraliseerde bestuurlijk stelsel krijgen de provincies de volle verantwoordelijkheid voor de toekomst van het beoogde Werelderfgoed Nieuwe Hollandse Waterlinie (NHW). De nationale overheid trekt zich terug als opdrachtgever. Dat stelt nieuwe en zwaardere eisen aan de interprovinciale samenwerking zoals die de afgelopen jaren is gegroeid. De Rijksoverheid speelt nog wel een rol bij het waarborgen van de monumentale status en de voorbereiding van de UNESCO nominatie. De provincies zijn gezamenlijk verantwoordelijk voor de verdere ontwikkeling van dit erfgoed waarbij de medewerking van andere overheden, maatschappelijke organisaties, eigenaren en ondernemers van groot belang is.
Het kader. De verpakking van een medisch hulpmiddel moet zijn voorzien van een UDI. Deze UDI mag volgens de EU MDR worden ingevuld met een standaard identificatie- systeem: HIBCC, ICCBBA of GS115. De EU MDR verordening vormt het uitgangspunt in dit document. Om in het ziekenhuis een veilig en werkbaar systeem te krijgen moet de UDI aan internationale wensen en eisen voldoen, zoals de eis dat de UDI het producttype uniek moet identificeren. Een code kan verschillende verschijningsvormen hebben: • De lineaire barcode, oftewel ‘1D-code’ • De DataMatrix, ook wel ‘2D-code genoemd’ Een voorbeeld van een lineaire barcode: Twee voorbeelden van een DataMatrix: ▇▇▇▇▇.▇▇▇.▇▇▇/▇▇▇▇▇▇▇▇▇▇▇▇▇▇/▇▇▇▇▇▇▇▇▇▇▇▇▇▇▇▇▇▇▇▇▇▇▇▇▇▇▇/▇▇▇▇▇▇▇▇▇▇▇▇▇▇▇▇▇▇▇▇▇▇▇▇▇▇/▇▇▇▇▇▇▇▇▇▇▇▇▇▇▇▇▇▇/▇▇▇▇▇▇▇.▇ tm
Het kader. Vanuit de Europese wet- en regelgeving voor UDI die wordt opgezet, zijn er drie geaccrediteerde organisaties waarmee de UDI mag worden ingevuld: GS1, EHIBCC en ICCBBA. Zorgaanbieders hebben aangegeven dat zij vanwege veiligheid en efficiency met de afsprakenset streven naar het gebruik van een internationaal geaccepteerde standaard voor identificatie en barcodering. Voor het slagen van de invoer van eenduidige codering is het van groot belang dat er draagvlak vanuit de Raad van Bestuur is. Die moet voldoende middelen beschikbaar stellen voor de invoering. De volgende aspecten zijn voor zorgaanbieders van belang bij eenduidige codering. • Het object: product, locatie of persoon • De informatiedrager: 1D, 2D, NFC • De unieke identificatie code: UDI • Het gegevensverwerkende systeem: EPD, ERP • De hardware: apparaat, scanner, smartphone • Verbinding met centrale artikeldatabase • De communicatie: draadloos, 3G, wifi Om in de zorginstelling een veilig en werkbaar systeem te krijgen moet de codering en UDI aan internationale wensen en eisen voldoen. Onder code verstaan we verschillende verschijningsvormen: ✓ de lineaire barcode ofwel ‘1D-code’; ✓ de DataMatrix ofwel ‘2D-code’11; Naast een geslaagde invoering van de codering, is het van belang dat het ziekenhuis aansluiting heeft op de centrale artikeldatabase ‘Data Source Light’. Het unieke productnummer is immers alleen een nummer en zegt bijvoorbeeld niets over de productnaam. De leverancier vult de artikeldatabase met de juiste gegevens over het hulpmiddel. Het ziekenhuis gebruikt deze basis-productgegevens om het hulpmiddel in de ICT-systemen met onder andere de juiste naam, leveranciersnaam en verpakking te registreren. Voor de gegevensset, zie paragraaf 5.4. Voor de registratie van een medisch hulpmiddel in het landelijk implantatenregister en de kwaliteitsregistraties kan ook weer het productnummer (DI) als referentie worden gebruikt. Zo is voor alle partijen duidelijk om welk middel het gaat.
Het kader. In het lokaal overleg hebben partijen de afgelopen periode van gedachten gewisseld over de inzet van het palet aan instrumenten van het personeelsbeleid in de jaren 2015 - 2019. Het accent bij deze besprekingen lag nadrukkelijk op de doelen van het op de universiteit toegesneden personeelsbeleid zoals partijen dat voor ogen staat. In de CAO-Nederlandse Universiteiten wordt in diverse passages het belang van ontwikkeling, scholing en mobiliteit van werknemers benadrukt1 • Bij de besteding van de decentrale arbeidsvoorwaardengelden sluiten partijen aan bij die intentie in de CAO-NU. Voor een belangrijk deel worden die middelen dan ook ingezet voor ontwikkeling, scholing en mobiliteit van medewerkers; de duurzan1e inzetbaarheid van werknemers. Duurzame inzetbaarheid is dan ook het belangrijkste thema van dit akkoord. Voor de uitvoering van het beleid voor duurzame inzetbaarheid van werknemers staan ter beschikking: • de bevoegdheid van de decanen en de secretaris van de universiteit om, op de faculteit/dienst toegesneden, keuzes te maken binnen onderstaand kader voor het beleid gericht op duurzame inzetbaarheid; • de reguliere middelen van het personeelsbeleid bij de faculteiten en diensten; • de arbeidsvoorwaardengelden. En uiteraard moet over de uitvoering van het beleid op een transparante wijze verantwoording worden afgelegd (zie paragraaf 4). Voordat nader wordt ingegaan op de inzet van het instrumentarium van het personeelsbeleid (paragraaf 3), de wijze waarop hierover verantwoording wordt afgelegd (paragraaf 4) en het financiële kader hierbij (paragraaf 5) worden in paragraaf 2 de uitgangspunten geformuleerd die als leidraad dienen voor de onderhavige meerjarenafspraak.
Het kader. Vanuit de Europese MDR verordening voor UDI, zijn er drie geaccrediteerde organisaties waarmee de UDI mag worden ingevuld: GS1, EHIBCC en ICCBBA. Zorgaanbieders hebben aangegeven dat zij vanwege veiligheid en efficiency met de afsprakenset streven naar het gebruik van een internationaal geaccepteerde standaard voor identificatie en barcodering. Voor het slagen van de invoer van eenduidige codering is het van groot belang dat er draagvlak vanuit de Raad van Bestuur is. Die moet voldoende middelen beschikbaar stellen voor de invoering. De volgende aspecten zijn van belang bij eenduidige codering. • Het object: product, locatie of persoon • De informatiedrager: 1D, 2D, NFC • De unieke identificatiecode: UDI • Het gegevensverwerkende systeem: EPD, ERP • De hardware: apparaat, scanner, smartphone • Verbinding met centrale artikeldatabase • De communicatie: draadloos, 3G, wifi Om in het ziekenhuis een veilig en werkbaar systeem te krijgen moet de codering en UDI aan internationale wensen en eisen voldoen. Onder code verstaan we verschillende verschijningsvormen: • De lineaire barcode ofwel ‘1D-code’ • De DataMatrix ofwel ‘2D-code’16

Related to Het kader

  • Vrijwillige aansluiting 1. Vrijwillige aansluiting is mogelijk voor cateringbedrijven alsmede voor aanverwante sectoren die niet ressorteren onder de werkingssfeer van deze cao c.q. voor cateringbedrijven wier werknemers niet ressorteren onder de werkingssfeer van deze cao. Deze cao wordt eveneens van toepassing op de arbeidsovereenkomsten tussen werkgevers en werknemers als gevolg van vrijwillige aansluiting. 2. Als voorwaarde voor deze vrijwillige aansluiting geldt dat deze cao alsmede de cao vrijwillig vervroegd uittreden voor de contractcateringbranche voor werknemers geboren in 1950, 1951, 1952 of 1953 van toepassing is.

  • Levensloopregeling De werknemer overlegt met zijn leidinggevende voordat hij het gespaarde verlof uit de levensloopregeling opneemt. De werkgever kan zich verzetten tegen het moment van het opnemen op grond van zwaarwegend bedrijfs- of dienstbelang. Uitzondering hierop vormt ouderschapsverlof, zoals opgenomen in de Wet Arbeid en Zorg. De werkgever geeft de werknemer schriftelijk uitsluitsel binnen één maand, nadat hij het verzoek van de werknemer heeft ontvangen.

  • Onregelmatigheidstoeslag Verwijzend naar artikel 39 lid 1, waarin wordt verwezen naar de matrixen toeslagen onregelmatige uren bij de verbijzonderende delen, is voor werknemers vóór 1 juli 1994 in dienst bij een werkgever in de zin van deze cao die institutionele cateringactiviteiten verricht, de matrix toeslagen onregelmatige uren zoals opgenomen in bijlage B4a van toepassing. Op werknemers als bedoeld in artikel 1 lid 2 deel B, in dienst vanaf 1 juli 1994, kan de matrix onregelmatige uren zoals opgenomen in bijlage B4b worden toegepast. Voor werknemers in de institutionele sector vanaf 1 juli 1999 in dienst, geldt in afwijking van bijlage B4b, van maandag tot en met vrijdag van 07.00 uur tot 20.00 uur, een 0-tarief, een en ander zoals verwerkt in bijlage B4c.

  • Het aanbod 1. Indien een aanbod een beperkte geldigheidsduur heeft of onder voorwaarden geschiedt, wordt dit nadrukkelijk in het aanbod vermeld. 2. Het aanbod bevat een volledige en nauwkeurige omschrijving van de aangeboden producten, digitale inhoud en/of diensten. De beschrijving is voldoende gedetailleerd om een goede beoordeling van het aanbod door de consument mogelijk te maken. Als de ondernemer gebruik maakt van afbeeldingen, zijn deze een waarheidsgetrouwe weergave van de aangeboden producten, diensten en/of digitale inhoud. Kennelijke vergissingen of kennelijke fouten in het aanbod binden de ondernemer niet. 3. Elk aanbod bevat zodanige informatie, dat voor de consument duidelijk is wat de rechten en verplichtingen zijn, die aan de aanvaarding van het aanbod zijn verbonden.

  • Juridische meningsverschillen U bent als particulier verzekerd voor rechtsbijstand bij de hieronder vermelde juridische meningsverschillen (gebeurtenissen). Deze gebeurtenissen moeten verband houden met een onder de reisverzekering verzekerde reis die u heeft afgelegd of nog gaat afleggen en hebben plaatsgevonden in de periode dat deze rechtsbijstand- dekking meeverzekerd was.