Het bestuur. 1. De benoeming van bestuurders die niet in de akte van oprichting zijn aangewezen geschiedt door de algemene vergadering, voor zover de statuten niet anders bepalen. 2. Tenzij de statuten anders bepalen is het orgaan of degene die de bestuurder heeft benoemd te allen tijde bevoegd die bestuurder te schorsen of te ontslaan. Ten aanzien van de bestuurders die in de akte van oprichting zijn aangewezen komen de in de eerste volzin omschreven bevoegdheden toe aan de algemene vergadering, tenzij uit de statuten anders voortvloeit. 3. Tenzij de statuten anders bepalen komt de bevoegdheid de bezoldiging van een bestuurder vast te stellen toe aan de algemene vergadering. 4. Een schorsing in de zin van dit artikel vervalt indien de betrokkene niet binnen twee maanden na de dag van schorsing is ontslagen.
Appears in 2 contracts
Sources: Algemene Bepalingen Voor Rechtspersonen, Rechtspersonen
Het bestuur. 1. De benoeming van bestuurders bestuurders, die niet in de akte van oprichting zijn aangewezen aangewezen, geschiedt door de algemene vergadering, voor zover de statuten niet anders bepalen.
2. Tenzij de statuten anders bepalen is het Het orgaan dat of degene die de bestuurder heeft benoemd is te allen tijde bevoegd die bestuurder te schorsen of te ontslaan. De statuten kunnen deze bevoegdheid ook aan een ander orgaan toekennen. Ten aanzien van de bestuurders die in de akte van oprichting zijn aangewezen komen de in de eerste volzin omschreven bevoegdheden toe aan de algemene vergadering, tenzij uit de statuten anders voortvloeit.
3. Tenzij de statuten anders bepalen komt de bevoegdheid de bezoldiging van een bestuurder vast te stellen toe aan de algemene vergadering.
4. Een schorsing in de zin van dit artikel vervalt indien de betrokkene niet binnen twee maanden na de dag van schorsing is ontslagen.
Appears in 1 contract