De werking. Begin 1° komt het rijtuig in vervanging van een rijtuig dat reeds verzekerd was in deze polis, dan behoudt de verzekeringnemer de graad waarin dat rijtuig zich be- vond op het ogenblik van de vervanging. Het rijtuig moet wel tot dezelfde categorie behoren; 2° komt het rijtuig als bijkomend voertuig in de polis, dan geldt voor de verzekeringsnemer dezelfde graad als deze van het referentievoertuig; 3° was het rijtuig elders verzekerd, dan houdt de maatschappij voor het bepalen van de graad enerzijds rekening met de schadegevallen waarin dit rijtuig bij de andere verzekeraar betrokken was en anderzijds het aantal jaren rijervaring.
Appears in 2 contracts
Sources: Algemene Voorwaarden, Algemene Voorwaarden