Allocatie. §1. Op basis van de geïnjecteerde hoeveelheid gas op het aardgasdistributienet die geregistreerd werd door een meetinrichting, de uitgewisselde hoeveelheid gas met andere netten, de berekende gebruiksprofielen en de gemeten gebruiksprofielen wordt per aardgasdistributienetbeheerder en per GOS en per elementaire periode zoals bepaald in Art. 3.1.2 §2 het residu berekend. Dat residu wordt pro rata toegekend aan de toegangshouders en hun respectievelijke bevrachters voor de toegangspunten met geschatte verbruiken. De VREG legt de gedetailleerde beschrijving van de methodiek van de allocatie vast. §2. De aardgasdistributienetbeheerder is verantwoordelijk voor de tijdige uitvoering van de allocatieberekening over de toegangspunten in zijn aardgasdistributienet. Die berekeningen worden maandelijks uitgevoerd op basis van de historiek van het toegangsregister over de voorgaande maand die op dat moment bekend is, op voorwaarde dat alle processen op het toegangsregister correct uitgevoerd werden of worden door de aardgasdistributienetbeheerder. §3. Op basis van de resultaten van de allocatie verdeelt de aardgasdistributienetbeheerder de energie die geïnjecteerd en afgenomen werd door netgebruikers over de toegangshouders en hun bevrachters per elementaire periode zoals bepaald in Art. 3.1.2 §2. §4. De resultaten van de allocatie voor een bepaalde maand zijn definitief ten laatste op de eerste werkdag van de zesde maand die volgt op die maand waarvoor de energiehoeveelheden worden gealloceerd. §1. In afwijking van Art. 4.3.28 §1 wordt, als er verschillende aardgasdistributienetten door hetzelfde GOS gevoed worden, het residu gezamenlijk berekend voor het geheel van de toegangspunten die deel uitmaken van het GOS, op basis van de geïnjecteerde hoeveelheid gas op het GOS, de berekende verbruiksprofielen en de gemeten verbruiksprofielen, per elementaire periode. Men berekent per elementaire periode de residufactor voor het GOS. §2. In afwijking van Art. 4.3.28 §3, voert elke betrokken aardgasdistributienetbeheerder op basis van de residufactor, die afgeleid is uit het residu, bepaald in Art. 4.3.29 §1, de allocatieberekening uit voor het totaal van de toegangspunten van het GOS die behoren tot zijn aardgasdistributienet, waarbij het aldus verkregen residu pro rata aan de leveranciers en bevrachters wordt toegekend voor de toegangspunten met geschatte verbruiken. Op basis van de resultaten van de allocatie verdeelt de aardgasdistributienetbeheerder de energie die geleverd werd aan afnemers per GOS over de leveranciers en bevrachters per elementaire periode.
Appears in 2 contracts
Sources: Technisch Reglement Voor De Distributie Van Gas, Technisch Reglement Voor De Distributie Van Gas