Context. Nederlandse bedrijven en organisaties staan voor de gecombineerde uitdaging de vergrijzing en de concurrentie op de wereldmarkten het hoofd te bieden. De werkende beroepsbevolking krimpt en vergrijst. Er zijn minder mensen beschikbaar voor de arbeidsmarkt, en werknemers worden steeds ouder. Tegelijkertijd moeten we het in de mondiale concurrentieslag hebben van ons vermogen om slim en efficiënt te werken *Het thema overleg. De financieel-economische crisis van de afgelopen jaren heeft één ding duidelijk gemaakt: baanzekerheid is de duurzame inzetbaarheid en - arbeidsverhoudingen zal de komende jaren hét thema zijn voor sociale partners tijdens het decentrale beste garantie voor inkomenszekerheid. En de beste garantie voor baanzekerheid is om niet alleen fit te zijn voor de functie van vandaag, maar ook die van morgen. *Anticiperen op sociaaleconomische - c.q. maatschappelijke ontwikkelingen, in plaats van daarvoor de ogen te sluiten, is in het belang van de medewerkerwerknemers c.q. de achterban van de vakorganisaties; *Het actief werk maken van dit initiatief is in lijn met wat sociale partners op centraal niveau hebben afgesproken; *Het past bij goed werkgeverschap en moderne duurzame arbeidsverhoudingen om proactief en concreet invulling te geven aan al veelvuldig uitgesproken en breed gedragen intenties op het terrein van duurzame inzetbaarheid en – duurzame arbeidsverhoudingen. Inzetbaarheid en arbeidsverhoudingen zijn in de visie van cao-partijen onlosmakelijk met elkaar verbonden. *Binnen Cargill BV is sprake van een toenemende ‘urgentie’ om dit thema gestructureerd op te pakken; De personeelskosten in Nederland zijn niet competitief binnen Europa. Verder vergroten van het competitief nadeel, kan leiden tot lagere tewerkstelling. * De te verwachten uittredeleeftijd stijgt van 65 naar 67 jaar. De ouderenregelingen zoals beschreven in de CAO van 2011-2013, zijn mogelijk niet de meest optimale regelingen voor een duurzame inzetbaarheid. De regelingen leggen meer lasten bij de jongere werknemers en zorgen voor extra organisatorische maatregelen, die de loonkosten nog verder doen toenemen. De leeftijdsopbouw van Cargill BV werknemers, zal dit probleem nog verder doen escaleren. *Naast noodzakelijke directe maatregelen, om kostenescalatie te vermijden, biedt een toekomstgerichte agenda, en daar gezamenlijk op een vernieuwende manier aan werken, perspectief. Dat inspireert en motiveert, en levert daarmee een belangrijke bijdrage aan de verdere verbetering van de arbeidsverhoudingen en het werkklimaat binnen Cargill BV. *Binnen Cargill BV zijn de engagement, ziekteverzuim & overlevingsstaffel gunstig te noemen i.v.m. andere bedrijven en sectoren, wat erop wijst dat een aantal maatregelen die duurzame inzetbaarheid bevorderen, al van kracht zijn. We starten niet van een nullijn.
Appears in 1 contract
Sources: Collective Labor Agreement
Context. Nederlandse bedrijven Dit artikel verwijst naar de verdere ontwikkelingen en organisaties staan werkzaamheden die formeel opgestart werden met het zogenaamde NEBEL akkoord tussen België en Nederland (cfr. 5de BO: Art. 23 + Art. 22 ‘Toekomstpact voor de gecombineerde uitdaging patiënt’ en het Art. 14 van de vergrijzing Wijzigingsclausule 2019-2020 aan de 5de BO). In 2015 ondertekenden de bevoegde Nederlandse en Belgische ministers een intentieverklaring tot doorgedreven samenwerking op het vlak van het farmaceutisch beleid. Intussen werd het NEBEL akkoord uitgebreid naar andere Europese lidstaten en sloten achtereenvolgens Luxemburg (september 2015) en Oostenrijk (juni 2016) zich aan. Sedert juni 2018 maakt ook Ierland deel uit van het intussen herdoopte BeNeLuxA samenwerkingsinitiatief. De internationale samenwerking tussen de terugbetalingsautoriteiten van deze 5 landen inzake de vergoeding van geneesmiddelen, heeft tot doelstelling bij te dragen tot een betaalbare en tevens snellere toegang tot innovatieve geneesmiddelen voor de patiënten. Naast de prijsbeheersing van geneesmiddelen, wil men met deze samenwerking ook substantiële efficiëntiewinsten bereiken door o.a. de structurele uitwisseling van gegevens en expertise en het organiseren van gezamenlijke evaluaties. Een verdere uitbreiding van dit samenwerkingsinitiatief naar andere lidstaten blijft ook in de toekomst hoog op de agenda staan. Het internationaal bundelen van de krachten biedt immers zowel voordelen voor de farmaceutische producent (toegang tot een grotere markt van patiënten) als voor de patiënt (betere toegankelijkheid tot dure, innovatieve geneesmiddelen). De prioritaire geneesmiddelen die in aanmerking komen voor deze internationale samenwerking zijn naast de weesgeneesmiddelen, de geneesmiddelen met hoge impact op het budget en/of die beantwoorden aan een hoge medische nood. In de intentieverklaring werden vier werkdomeinen geïdentificeerd waar een collectieve samenwerking een beduidend verschil kan maken inzake betere toegang tot innovatieve geneesmiddelen voor patiënten. Sinds begin 2016 werd geïnvesteerd in de uitbouw van een gestructureerd ‘framework’ voor zowel de besluitvorming binnen het BeNeLuxA-initiatief, als voor de uitvoering van de verschillende activiteiten en pilootprojecten binnen de vier werkdomeinen. In mei 2019 heeft het RIZIV het BeNeLuxA voorzitterschap en de concurrentie op de wereldmarkten het hoofd te biedenalgemene coördinatie overgenomen van Nederland. De werkende beroepsbevolking krimpt en vergrijst. Er zijn minder mensen beschikbaar voor de arbeidsmarkt, en werknemers worden steeds ouder. Tegelijkertijd moeten we het 4 domeinen werden in de mondiale concurrentieslag hebben van ons vermogen om slim en efficiënt te werken *Het thema overleg. De financieel-economische crisis periode van de afgelopen jaren heeft één ding duidelijk gemaakt: baanzekerheid is de duurzame inzetbaarheid 5de bestuursovereenkomst (2016-2018) geïnitieerd en - arbeidsverhoudingen zal de komende jaren hét thema zijn voor sociale partners tijdens het decentrale beste garantie voor inkomenszekerheid. En de beste garantie voor baanzekerheid is om niet alleen fit te zijn voor de functie van vandaag, maar ook die van morgen. *Anticiperen op sociaaleconomische - c.q. maatschappelijke ontwikkelingen, in plaats van daarvoor de ogen te sluiten, is in het belang van de medewerkerwerknemers c.q. de achterban van de vakorganisaties; *Het actief werk maken van dit initiatief is in lijn met wat sociale partners op centraal niveau hebben afgesproken; *Het past bij goed werkgeverschap worden hier nog even toegelicht en moderne duurzame arbeidsverhoudingen om proactief en concreet invulling te geven aan al veelvuldig uitgesproken en breed gedragen intenties op het terrein van duurzame inzetbaarheid en – duurzame arbeidsverhoudingen. Inzetbaarheid en arbeidsverhoudingen zijn in de visie van cao-partijen onlosmakelijk met elkaar verbonden. *Binnen Cargill BV is sprake van een toenemende ‘urgentie’ om dit thema gestructureerd op te pakken; De personeelskosten in Nederland zijn niet competitief binnen Europa. Verder vergroten van het competitief nadeel, kan leiden tot lagere tewerkstelling. * De te verwachten uittredeleeftijd stijgt van 65 naar 67 jaar. De ouderenregelingen zoals beschreven in de CAO van 2011-2013, zijn mogelijk niet de meest optimale regelingen voor een duurzame inzetbaarheid. De regelingen leggen meer lasten bij de jongere werknemers en zorgen voor extra organisatorische maatregelen, die de loonkosten nog verder doen toenemen. De leeftijdsopbouw van Cargill BV werknemers, zal dit probleem nog verder doen escaleren. *Naast noodzakelijke directe maatregelen, om kostenescalatie te vermijden, biedt een toekomstgerichte agenda, en daar gezamenlijk op een vernieuwende manier aan werken, perspectief. Dat inspireert en motiveert, en levert daarmee een belangrijke bijdrage aan de verdere verbetering van de arbeidsverhoudingen en het werkklimaat binnen Cargill BV. *Binnen Cargill BV zijn de engagement, ziekteverzuim & overlevingsstaffel gunstig te noemen i.v.m. andere bedrijven en sectoren, wat erop wijst dat een aantal maatregelen die duurzame inzetbaarheid bevorderen, al van kracht zijn. We starten niet van een nullijngeactualiseerd.
Appears in 1 contract
Sources: Bestuursovereenkomst
Context. Nederlandse bedrijven en organisaties staan voor de gecombineerde uitdaging de vergrijzing en de concurrentie op de wereldmarkten het hoofd te bieden. De werkende beroepsbevolking krimpt en vergrijst. Er zijn minder mensen beschikbaar voor de arbeidsmarkt, en werknemers worden steeds ouder. Tegelijkertijd moeten we het in de mondiale concurrentieslag hebben van ons vermogen om slim en efficiënt te werken *Het thema overleg. De financieel-economische crisis van de afgelopen jaren heeft één ding duidelijk gemaakt: baanzekerheid is de duurzame inzetbaarheid en - arbeidsverhoudingen zal de komende jaren hét thema zijn voor sociale partners tijdens het decentrale beste garantie voor inkomenszekerheid. En de beste garantie voor baanzekerheid is om niet alleen fit te zijn voor de functie van vandaag, maar ook die van morgen. *Anticiperen op sociaaleconomische - c.q. maatschappelijke ontwikkelingen, in plaats van daarvoor de ogen te sluiten, is in het belang van de medewerkerwerknemers medewerkers c.q. de achterban van de vakorganisaties; *Het actief werk maken van dit initiatief is in lijn met wat sociale partners op centraal niveau hebben afgesproken; *Het past bij goed werkgeverschap en moderne duurzame arbeidsverhoudingen om proactief en concreet invulling te geven aan al veelvuldig uitgesproken en breed gedragen intenties op het terrein van duurzame inzetbaarheid en – duurzame arbeidsverhoudingen. Inzetbaarheid en arbeidsverhoudingen zijn in de visie van cao-partijen onlosmakelijk met elkaar verbonden. *Binnen Cargill BV is sprake van een toenemende ‘urgentie’ om dit thema gestructureerd op te pakken; De personeelskosten in Nederland zijn niet competitief binnen Europa. Verder vergroten van het competitief nadeel, kan leiden tot lagere tewerkstelling. * De te verwachten uittredeleeftijd stijgt van 65 naar 67 jaar. De ouderenregelingen zoals beschreven in de CAO van 2011-2013, zijn mogelijk niet de meest optimale regelingen voor een duurzame inzetbaarheid. De regelingen leggen meer lasten bij de jongere werknemers en zorgen voor extra organisatorische maatregelen, die de loonkosten nog verder doen toenemen. De leeftijdsopbouw van Cargill BV werknemers, zal dit probleem nog verder doen escaleren. *Naast noodzakelijke directe maatregelen, om kostenescalatie te vermijden, biedt een toekomstgerichte agenda, en daar gezamenlijk op een vernieuwende manier aan werken, perspectief. Dat inspireert en motiveert, en levert daarmee een belangrijke bijdrage aan de verdere verbetering van de arbeidsverhoudingen en het werkklimaat binnen Cargill BV. *Binnen Cargill BV zijn de engagement, ziekteverzuim & overlevingsstaffel gunstig te noemen i.v.m. andere bedrijven en sectoren, wat erop wijst dat een aantal maatregelen die duurzame inzetbaarheid bevorderen, al van kracht zijn. We starten niet van een nullijn.
Appears in 1 contract
Sources: Collective Labor Agreement
Context. Nederlandse bedrijven en organisaties staan voor Als gevolg van de gecombineerde uitdaging de vergrijzing economische crisis en de concurrentie op verhuurdersheffing was de wereldmarkten het hoofd te bieden. De werkende beroepsbevolking krimpt en vergrijst. Er zijn minder mensen beschikbaar voor de arbeidsmarkt, en werknemers worden steeds ouder. Tegelijkertijd moeten we het in de mondiale concurrentieslag hebben van ons vermogen om slim en efficiënt te werken *Het thema overleg. De financieel-economische crisis van gemiddelde huurprijsont- wikkeling de afgelopen jaren heeft één ding duidelijk gemaakt: baanzekerheid hoger dan de gemiddelde inkomensontwikkeling. Daarbij spelen ook demografische oorzaken een rol, zoals vergrijzing en gezinsverdunning. Steeds meer huishoudens met een laag inkomen hebben moeite om rond te komen. Het betaalbaar maken/houden van de sociale huurvoorraad in Noordwijk is daarmee voor partijen een van de kernopgaven. Sinds 1 januari 2016 is de duurzame inzetbaarheid en - arbeidsverhoudingen zal wet Passend Toewijzen van kracht. Aan woningzoekenden uit de komende jaren hét thema primaire doelgroep moet een ‘betaalbare’ woning worden toegewezen, d.w.z. onder de aftoppingsgrenzen van € 586 resp. € 626. Met als gevolg dat, uitgaande van de reguliere streefhuur van de NWS, een groot deel van de sociale huurvoorraad niet langer toegankelijk zou zijn voor deze groep, die ca. 70% van de populatie actief woningzoekenden uitmaakt. De NWS heeft in overleg met de gemeente en de SHN haar streefhuurbeleid hierop aangepast: binnen de sociale partners tijdens het decentrale beste garantie voor inkomenszekerheidhuurvoorraad worden streefhuren zodanig afgetopt dat 70% onder de hoogste aftoppingsgrens ligt; en daarvan weer 80% onder de laagste aftoppingsgrens. En Daarmee zijn de beste garantie voor baanzekerheid is om niet alleen fit te zijn voor de functie van vandaag, maar ook die van morgen. *Anticiperen op sociaaleconomische - c.q. maatschappelijke ontwikkelingen, in plaats van daarvoor de ogen te sluiten, is prijsverhoudingen in het belang aanbod afgestemd op de inkomensverhoudingen aan de vraagzijde. Dit aftopbeleid is bedoeld als een tijdelijke maatregel. D.m.v. nieuwbouw, verkoop en liberalisatie moeten op termijn de prijsverhoudingen binnen de sociale huurvoorraad langs een natuurlijke weg aansluiten bij de lokale woningvraag. Daarnaast moet een hogere doorstroming ertoe leiden dat de beschikbare voorraad doelmatiger benut wordt. Doelen 10 jaar: • Realiseren van duurzaam gelijkwaardige slaagkansen voor lage inkomens d.m.v. nieuwbouw (lange termijn) en huurprijsbeleid (korte termijn). • Uitbreiden van de medewerkerwerknemers c.q‘bereikbare’ voorraad door nieuwbouw onder de aftoppingsgrenzen. • Wensvoorraad ultimo 2030: 2650 sociale huurwoningen; waarvan 1900 woningen (ca. 70%) < hoogste aftoppingsgrens; waarvan 1520 woningen (80%) < laagste aftoppingsgrens. • Zolang als nodig aftoppen van huurprijzen bij mutatie, tot de achterban aftoppingsgrenzen. • Zolang als nodig labelen naar inkomen en huishoudengrootte. • Gematigd huurbeleid, binnen de kaders van de vakorganisaties; *Het actief werk maken van dit initiatief is in lijn met wat sociale partners op centraal niveau hebben afgesproken; *Het past bij goed werkgeverschap en moderne duurzame arbeidsverhoudingen om proactief en concreet invulling te geven aan al veelvuldig uitgesproken en breed gedragen intenties op het terrein van duurzame inzetbaarheid en – duurzame arbeidsverhoudingenWet Doorstroming Huurmarkt (huursom- benadering). Inzetbaarheid en arbeidsverhoudingen zijn in de visie van cao-partijen onlosmakelijk met elkaar verbondenNr. *Binnen Cargill BV is sprake van een toenemende ‘urgentie’ om dit thema gestructureerd op te pakken; De personeelskosten in Nederland zijn niet competitief binnen Europa. Verder vergroten van het competitief nadeel, kan leiden tot lagere tewerkstelling. * De te verwachten uittredeleeftijd stijgt van 65 naar 67 jaar. De ouderenregelingen zoals beschreven in de CAO van 2011-2013, zijn mogelijk niet de meest optimale regelingen voor een duurzame inzetbaarheid. De regelingen leggen meer lasten bij de jongere werknemers en zorgen voor extra organisatorische maatregelen, die de loonkosten nog verder doen toenemen. De leeftijdsopbouw van Cargill BV werknemers, zal dit probleem nog verder doen escaleren. *Naast noodzakelijke directe maatregelen, om kostenescalatie te vermijden, biedt een toekomstgerichte agenda, en daar gezamenlijk op een vernieuwende manier aan werken, perspectief. Dat inspireert en motiveert, en levert daarmee een belangrijke bijdrage aan de verdere verbetering van de arbeidsverhoudingen en het werkklimaat binnen Cargill BV. *Binnen Cargill BV zijn de engagement, ziekteverzuim & overlevingsstaffel gunstig te noemen i.v.m. andere bedrijven en sectoren, wat erop wijst dat een aantal maatregelen die duurzame inzetbaarheid bevorderen, al van kracht zijn. We starten niet van een nullijnInhoud Cat.
Appears in 1 contract
Sources: Prestatieafspraken
Context. Nederlandse bedrijven In het verlengde van de gemeentelijke Woonagenda en organisaties staan het NWS-bod wordt in de prestatie- afspraken onder de titel ‘kwaliteit’ ingegaan op een viertal aspecten: duurzaamheid, flexibiliteit, onderhoud en leefbaarheid. Op gebied van duurzaamheid en energiebesparing voelt de NWS zich voor de gecombineerde uitdaging middellange termijn gebonden aan de vergrijzing doelen uit het landelijk energie-convenant: belangrijkste doelstelling is gemiddeld energielabel B ultimo 2020. Een ambitieuze doelstelling, die vraagt om een intensieve meersporen- aanpak. De gemeente bereidt momenteel een duurzaamheidsvisie voor de lange termijn (2030). Wanneer deze visie gereed is zullen partijen nadere afspraken maken voor de jaren na 2020. ‘Flexibiliteit’ gaat in algemene zin over de mate waarin woning geschikt zijn (te maken) voor diverse doelgroepen. Vraagpatronen veranderen als gevolg van vergrijzing, gezinsverdunning en andere economische en maatschappelijke ontwikkelingen. Een flexibele en levensloop bestendige woningvoorraad maakt dat we goed op vraagontwikkelingen kunnen inspelen. Bijzonder aandachtspunt is de zorggeschiktheid van de woningvoorraad. De NWS heeft momenteel 400 woningen in bezit met één of meer sterren. Doel is om dit aanbod in 4 jaar tijd uit te breiden tot 600 woningen. De NWS richt zich met name op de nieuwbouw, terwijl de gemeente vanuit haar WMO-taak verantwoordelijk is voor aanpassing van bestaande woningen. Daarnaast heeft de gemeente het initiatief genomen om samen met een aantal zorgaanbieders en de concurrentie NWS een ‘Zorgpact voor Noordwijk’ op te stellen. De NWS gaat in zijn meerjaren onderhoudsbegroting uit van een relatief hoge basiskwaliteit. Dit verhoogt de klanttevredenheid onder huurders, werkt op termijn kostenbesparend en heeft een gunstig effect op de wereldmarkten uitstraling van buurten en wooncomplexen. Het planmatig onderhoud wordt gebaseerd op jaarlijkse conditiemetingen. Uitgangspunt is een gemiddelde conditiescore 2,5 tot 3 op de schaal van 6. Zowel de gemeente als de NWS hebben een taak waar het hoofd te biedengaat om de leefbaarheid van wooncomplexen en de openbare ruimte. De werkende beroepsbevolking krimpt Kernbegrippen in beheer en vergrijsthandhaving zijn schoon, heel en veilig. Er zijn minder mensen beschikbaar voor de arbeidsmarkt, Gemeente en werknemers worden steeds ouderNWS willen hun aanpak concreet op elkaar afstemmen. Tegelijkertijd moeten we het in de mondiale concurrentieslag hebben van ons vermogen om slim en efficiënt te werken *Het thema overleg. De financieel-economische crisis Doelen 10 jaar: • Ultimo 2020 realiseren van de afgelopen ambitie uit het landelijke energie-akkoord. Voor de jaren heeft één ding duidelijk gemaakt: baanzekerheid is de duurzame inzetbaarheid en - arbeidsverhoudingen zal de komende jaren hét thema zijn voor sociale partners tijdens het decentrale beste garantie voor inkomenszekerheid. En de beste garantie voor baanzekerheid is om niet alleen fit te zijn voor de functie van vandaag, maar ook die van morgen. *Anticiperen op sociaaleconomische - c.q. maatschappelijke ontwikkelingen, in plaats van daarvoor de ogen te sluiten, is in het belang van de medewerkerwerknemers c.q. de achterban van de vakorganisaties; *Het actief werk maken van dit initiatief is in lijn met wat sociale partners op centraal niveau hebben afgesproken; *Het past bij goed werkgeverschap en moderne duurzame arbeidsverhoudingen om proactief en concreet invulling te geven daarna werken aan al veelvuldig uitgesproken en breed gedragen intenties op het terrein van duurzame inzetbaarheid en – duurzame arbeidsverhoudingen. Inzetbaarheid en arbeidsverhoudingen zijn in de visie van cao-partijen onlosmakelijk met elkaar verbonden. *Binnen Cargill BV is sprake van een toenemende ‘urgentie’ om dit thema gestructureerd op te pakken; De personeelskosten in Nederland zijn niet competitief binnen Europa. Verder vergroten van het competitief nadeel, kan leiden tot lagere tewerkstelling. * De te verwachten uittredeleeftijd stijgt van 65 naar 67 jaar. De ouderenregelingen zoals beschreven in de CAO van 2011-2013, zijn mogelijk niet de meest optimale regelingen voor een duurzame inzetbaarheid. De regelingen leggen meer lasten bij de jongere werknemers en zorgen voor extra organisatorische maatregelen, die de loonkosten nog verder doen toenemen. De leeftijdsopbouw van Cargill BV werknemers, zal dit probleem nog verder doen escaleren. *Naast noodzakelijke directe maatregelen, om kostenescalatie te vermijden, biedt een toekomstgerichte agenda, en daar gezamenlijk op een vernieuwende manier aan werken, perspectief. Dat inspireert en motiveert, en levert daarmee een belangrijke bijdrage aan de verdere verbetering van de arbeidsverhoudingen energie-prestatie van de sociale huurvoorraad. E.e.a. in lijn met de lange termijn duurzaamheidsdoelen van de gemeente Noordwijk (nog in ontwikkeling). • Werken aan gedragsbeïnvloeding bij huurders op het gebied van duurzaamheid, energie- besparing, stoken/ventileren, enz. • Flexibiliseren en meer levensloop bestendig maken van de sociale huurvoorraad door nieuwbouw en woningaanpassing, zodanig dat lokale aanbod aan zorggeschikte woningen zoveel mogelijk in de pas loopt met de behoefte. • Langjarig in stand houden van de bestaande voorraad op conditieniveau 2,5 tot 3. • Samenwerken aan de leefbaarheid van complexen en buurten, waarbij het werkklimaat binnen Cargill BVaccent ligt op schoon, heel en veilig. *Binnen Cargill BV zijn de engagement, ziekteverzuim & overlevingsstaffel gunstig te noemen i.v.mNr. andere bedrijven en sectoren, wat erop wijst dat een aantal maatregelen die duurzame inzetbaarheid bevorderen, al van kracht zijn. We starten niet van een nullijnInhoud Cat.
Appears in 1 contract
Sources: Prestatieafspraken